Er zijn twee verschillende manieren om parameters van één apparaat naar een ander over te brengen.
Ook groepsobjectvlaggen kunnen (als optie) via dezelfde functie gelijktijdig worden overgebracht indien de optie "ook groepsobjectvlaggen overbrengen' is geselecteerd.
Volledige overdracht
Vereisten
- De apparaten moeten hetzelfde applicatieprogramma hebben (en het is duidelijk dat ze van dezelfde fabrikant moeten zijn)
- Twee of meer apparaten zijn geselecteerd.
Hoe
- Selecteer apparaten die voldoen aan de vereisten.
- Klik met de rechtermuisknop en klik op de optie 'Overdracht van parameters & vlaggen'.
- Selecteer het hoofdapparaat (bron).
- Klik op 'OK'.
Resultaten
- De volledige set van parameters van het bronapparaat wordt volledig gekopieerd naar alle doelapparaten.
- Alle bestaande parameterinstellingen van elk doelapparaat worden overschreven.
Groepsadressen toegewezen aan groepsobjecten kunnen worden verwijderd in dit proces.
Selectieve overdracht
Parameters van één parameterpagina naar een andere overbrengen
Vereisten
- Twee of meer parameterpagina's zijn geselecteerd.
- De parameternamen op elke pagina moeten identiek zijn.
Hoe
- Selecteer de parameterpagina's die aan de vereisten voldoen (selectie van meerdere parameterpagina's wordt gedaan door op de CTRL toets te drukken*).
- Wijzig een parameter.
Resultaten
- De parameterwijziging wordt toegepast op alle geselecteerde parameterpagina's.
Binnen meerdere apparaten - Parameters van één apparaat naar meerdere overbrengen
Vereisten
- De apparaten moeten hetzelfde applicatieprogramma hebben (en het is duidelijk dat ze van dezelfde fabrikant moeten zijn).
- Twee of meer apparaten zijn geselecteerd.
Hoe
- Selecteer apparaten en/of de parameter pagina's (meervoudige selectie van parameter pagina's wordt gedaan door op de CTRL toets te drukken*) die aan de voorwaarden voldoet.
- Wijzig een parameter.
Resultaten
- Wanneer een parameter wordt gewijzigd in het dialoogvenster van het actieve apparaat (het actieve apparaat kan worden gezien in de titelbalk via het individueel adres), dan wordt deze parameterwijziging (en alleen dit) toegepast op alle geselecteerde apparaten
* In dit geval, wordt de kruising van de individuele (identieke) parameternamen op elke pagina getoond. Deze kruising kan ook leeg zijn indien alle parameternamen op elke parameterpagina verschillend zijn. Dit geldt (helaas) ook voor gevallen wanneer bv. enkel de kanaalcode is opgenomen in een parameternaam op elke pagina (vb. drukknop schakelfunctie A, drukknop schakelfunctie B).
Het is fundamenteel mogelijk dat, hoewel de applicatieprogramma's hetzelfde zijn, verschillende parameters zijn ingeschakeld, bv. een applicatieprogramma met twee functies, schakelen en dimmen waarbij het schakelen nog een ander parameter heeft, vertraging bij uitschakelen, wat niet nodig is voor dimmen. Als, om deze reden, de parameter niet kan worden gewijzigd in een van de geselecteerde apparaten, omdat het bijvoorbeeld niet eens aanwezig is (vertraging bij het uitschakelen), zal er een dialoogvenster geopend worden. Hier is het mogelijk om dit apparaat over te slaan.
Hoe stelt ETS identieke parameters vast?
De volgende logica wordt gebruikt voor de meervoudige selectie van kanalen (pagina's) zodat ze als 'identiek' kunnen worden beschouwd
- De vertaalde parametertekst van beide parameters moet overeenkomen
- Het parametertype van beide parameters moet overeenkomen
- De achtervoegseltekst van beide parameters moet overeenkomen
Een speciaal geval wordt gevormd door het aantal parameters; parameter A komt drie keer voor op kanaal A, parameter A komt twee keer voor op kanaal B.
- In een meervoudige selectie van beide kanalen, wordt parameter A twee keer getoond. De derde parameter A is weggelaten omdat deze niet drie keer voorkomt in kanaal B.