Een apparaat ontladen betekent dat het zal worden gereset naar de ex-fabrieksinstellingen ervan.
De Unloadfunctie kan worden aangeroepen via:
- de hoofdwerkbalk
- een rechtermuisklik op een apparaat
Er zijn twee mogelijkheden voor de Unload functie:
- Verwijder applicatie (apparaat hoeft niet in de programmamodus te staan)
- Verwijder applicatie en adres (apparaat moet in de programmamodus staan)
De voortgang van het unload proces kan gevolgd worden in de zijbalk onder 'Lopende Operaties'.
Unload Applicatie
Het ontlaadt het geladen applicatieprogramma, parameters en groepsadressen van het apparaat. Alle gedownloade gegevens worden verwijderd uit het apparaatgeheugen, dat wil zeggen dat vorige apparaatconfiguratie niet langer beschikbaar is. ETS kan echter nog steeds verbinding maken met het apparaat via zijn individuele adres, dat nog steeds geldig is.
Volledige unload
In de eerste stap ontlaadt de functie de geladen applicatie van het apparaat, parameters en groepsadressen en in de tweede stap stelt het individuele adres van het apparaat in op 15.5.255. Alle gedownloade gegevens worden verwijderd uit het apparaatgeheugen, d.w.z. vorige apparaatconfiguratie en het individuele adres zijn niet langer beschikbaar. Alle programmeervlaggen van het bijbehorende apparaat worden in het project gewist.
ETS staat slechts het ontladen van één apparaat per keer toe en alleen door op de programmeerknop op het apparaat te drukken. Op deze manier voorkomt ETS het per ongeluk ontladen van een fysiek ontoegankelijk apparaat (bijvoorbeeld in het plafond of de vloer).